Scherptediepte
Scherptediepte ("Depth of Field") is een gebied op een foto die scherp wordt afgebeeld. De scherptediepte wordt bepaald door de afstand tot het punt waarop je hebt scherp gesteld, het diafragma en de brandpuntsafstand van je lens en de grootte van de uiteindelijke afdruk:
- Hoe kleiner de brandpuntsafstand, hoe groter de scherptediepte
- Hoe kleiner het diafragma (hoe hoger F), hoe groter de scherptediepte
- Hoe kleiner de sensor (compact digitale camera's!), hoe groter de scherptediepte
- Hoe verder het onderwerp, des te groter de scherptediepte
- Hoe kleiner de afdruk van een foto, des te groter de scherptediepte
Voor een uitleg van scherptediepte kan je terecht op Wikipedia, of op deze Belgische fotocursus. Meer theoretisch onderbouwde Engeltalige uitleg voor gevorderde fotografen vind je onder andere op Cambridge in Colour en Luminous landscape. Je kan in Photoshop de scherptediepte kunstmatig verminderen door een combinatie van een masker en LensBlur toe te passen; zie bijvoorbeeld deze pdf : Taking Control over Depth of Field.
Scherptediepte en Sensorgrootte
Als je een foto hebt gemaakt met een spiegelreflexcamera met een APS-C sensor en je wilt dezelfde foto maken met een spiegelreflexcamera met een volformaat sensor, dan moet je 1,6 keer dichter bij gaan staan als je dezelfde lens zou gebruiken. Een andere manier om dezelfde foto te maken met een volformaat sensor is om een lens te kiezen met een brandpuntsafstand die 1,6 keer goter is dan die van de camera met een APS-C sensor. Als je dichter bij gaat staan of een lens met een ander brandpuntsafstand neemt, verandert echter ook de scherptediepte. Hoe groter de sensor, hoe dichter je naar een onderwerp toe moet om dezelfde afbeeldingsmaatstaf te krijgen. Hoe dichter je naar het onderwerp toegaat, des te meer je moet diafragmeren om dzelfde scherptediepte te behouden.
| Sensorgrootte |
Diafragma |
Brandpunt
|
Diafragma |
Brandpunt
|
Diafragma |
Brandpunt
|
Diafragma |
Brandpunt
|
6 x 7 cm (Pentax 6 x 7)
|
5.5 |
394 |
2.8 |
98
|
37.9 |
289 |
26.5 (19)
|
58 (48)
|
24 x 36 mm (Nikon D700, Canon 5D Mk2, Sony A 900)
|
2.8 |
200
|
1.4
|
50
|
19.2 |
147 |
13.5 (9.6)
|
29 (25)
|
| APS-C (Canon40D) |
1.7 |
125
|
0.9
|
31
|
12 |
92 |
8.4 (6)
|
18 (15)
|
Four Thirds (olympus
|
1.4 |
100
|
0.7
|
25 |
9.6 |
73 |
6.7 (4.8)
|
15 (12)
|
| 1/1,8 inch Canon Powershot G10 (Panasonic Lumix LX3) |
0.6
|
42
|
0.3 |
10
|
4 |
30.5
|
2.8 (2.0)
|
6.1 (5.1)
|
Scherptediepte vs Afdrukgrootte
Wat velen over het hoofd zien is dat de scherptediepte pas berekend kan worden als je weet op welk formaat een foto wordt afgdedrukt. Want hoe groter een afdruk, des te meer het zichtbaar wordt dat iets eigenlijk niet scherp is. De scherptediepte wordt niet minder als je een foto uitvergroot, maar omdat je de foto groter afdrukt zijn je ogen in staat om vast te stellen dat iets eigenlijk niet scherp is.De meeste berekeningen van de scherptediepte gaan uit van een afdruk op A4 formaat. Maar als je van plan bent om een foto te maken die je op een groter formaat wilt afdrukken, dan is het verstandig om verder te diaframeren dan kje volgens de standaarregels zou moeten.
Scherptediepte vs Diffractie
Als je 1 of 2 stops diafragmeert wordt een foto meetsal scherper. Je hebt dan namelijk minder last van lensfouten ("aberraties"), met name veroorzaakt door de hoeken van de lens. Als je diafragmeert neemt ook de scherptediepte toe. Omdat je bij een kleiner diafragma minder licht op de sensor krijgt, wordt de sluitertijd langer. Je zou dus kunnen denken dat je het best zo ver mogelijk kan diafragmeren, zonder bewogen foto's te krijgen door een te lange sluitertijd. Deze gedachtengang gaat echter niet op. Weliswaar wordt de scherptediepte steeds groter bij een kleiner diafragma, maar door een ander natuurverschijnsel, diffractie van het licht, wordt de scherpte van een foto steeds minder hoe verder je diafragmeert. Een foto wordt eerder onscherp, naarmate er meer pixels per cm op een sensor zitten. Hoe meer pixels, des te eerder neemt de scherpte af door diffractie. Hoe groter de sensor, des te verder je kan diafragmeren zonder dat de scherpte afneemt door diffractie:
| Camera |
Sensorgrootte |
Megapixels |
Kleinste Diafragma
|
| Sony A900 |
24 x 36 mm
|
24 |
9.6 |
Nikon D 700
|
24 x 36 mm
|
12 |
13.6 |
Canon EOD 50D
|
APS-C
|
15 |
7.6 |
Canon EOS 40D
|
APS-C |
10
|
9.3 |
Powershot G10
|
1/1,8 inch |
14
|
2.8 |
Panasonic Lumix LX3
|
1/1,8 inch |
10 |
3.3 |
Olympus E3
|
4/3 |
10 |
7.9 |
Zie ook over Scherptediepte:
|